Lauklines Kystferie-Noorwegen

Op 15 juni 2010 was het dan eindelijk zover, de ploeg die een jaar gelden al geboekt had op advies van Peter Bosman (die daar al 8x geweest was), kon dan eindelijk gaan beginnen aan het Noorse visavontuur te Lauklines Kystferie. De fjord lag in de buurt van de plaats Tromso en vele kilometers boven de poolcirkel. Het staat bekend als heilbotstek. De groep bestond uit organisator Arthur van Tienen, (hij had de hele reis echt perfect gepland en geregeld), Arno Kooman, Stipo Jovic, Fritz Bosch, Rob Heyster, Arthur Fellinger, Marcel Nijman en ondergetekende. Stipo was onze voortreffelijke kok en ook Arno heeft 2 avonden uitstekend gekookt.

Maandenlang stonden we te stuiteren in ons tuig, iedereen had enorm uitgekeken naar dit avontuur en eenmaal aangekomen op de locatie, troffen we de gezellige houten huisjes met veranda aan, gelijk aan het water. Een 30 meter verder lag de steiger met daaraan de bootjes, ook was er een soort fileerhuisje aan de steiger waar je de vis kon wegen/meten en schoonmaken.

De bootjes zagen er goed uit, ze waren voorzien van een 40 pk Yamaha buitenboordmotor en perfect voor het vissen met kunstaas, je kon rondom de boot lopen. Iets wat hier ook ongekend is, is criminaliteit, je kon het huisje gewoon open laten en je hengels gewoon op de boot of buiten.

Het uitzicht was adembenemend, hoge bergen en zoveel kleuren groen aan vegetatie en mos dat het veel weg had van een kerststukje. Bijkomstige situatie was, dat je in deze periode 24 uur daglicht hebt omdat het zo hoog ligt, je kan dus heel veel vissen en leeft er eigenlijk op het getijde. De omgeving werd verfraaid door mooie watervallen die het vele regenwater en de smeltende sneeuw afvloeiden. Ik heb er zoveel gevist dat het onmogelijk is een verslag chronologisch te doen. We zijn goed en wel meteen bij aankomst begonnen en hebben tot op de middag die we weggingen doorgevist, de reis duurde totaal 6 dagen.

Ik had een zware uptide hengel met een reel bij me voor het vissen met levend aas, maar die heb ik nauwelijks gebruikt. Alle visserij vond plaats op de 125 grams Seahawk spinhengel, 17/00 gevlochten lijn en een Spro Blue Arc 750/755. Een en ander via Joop Folkers waarvoor ook natuurlijk nadrukkelijke dank! Aan spullen een doosje met kunstaas tot 150 gram, wat grote haken, stevige wartels en dergelijke. Eigenlijk verspeel je maar zelden iets aan de bodem, zit je vast, dan vaar je het met de boot in tegengestelde richting zo weer los. Je vist dus eigenlijk met spinmateriaal wat je hier in Nederland op de wrakken gebruikt, kunstaas variërend van 30-150 gram.

De andere mannen hadden wel zwaar 30 ponds materiaal bij zich, met de befaamde Cutbait herrings van 270 gram als kunstaas. Persoonlijk was ik met het doel gegaan om zoveel mogelijk soorten te vangen en die missie is uiteindelijk buitengewoon goed geslaagd. Vanaf de veranda voor het huisje kon je met de spinhengel meteen al leuke visserij beleven, vlak achter een richeltje, ongeveer 20 meter uit de kant, bleken enorme scharren te vangen, wat een platen waren dat! Ook een zeedonderpad greep mijn pilkertje en Marcel kreeg er zelfs een heibotje aan van zo’n 45 cm.

Het weer was deze vakantie niet best, vergelijkbaar met een gure eind novembermaand in Nederland, we hebben zoveel regen op ons kop gehad, dat we zelf haast kieuwen kregen. Alleen in het begin van de week af en toe een zonnetje gezien, de 2e dag was eigenlijk meteen de mooiste qua weer. Ook was het redelijk koud, we hebben gevist met temperaturen van zo’n 0 tot 8 graden Celsius. Desondanks hebben we topvisserij beleefd en ving ik daar mijn eerste schelvissen, ook een prachtige vissoort. Ze hebben een wat “vrouwelijk” uiterlijk met grote ogen, roze glans en mooie mond, desalniettemin rovers van het zuiverste water die topsport op je hengel geven.

De natuur was overweldigend, regelmatig zagen we kleine dolfijnen voor de in de buurt van de boot rond jagen. Het allermooist was ineens de aanwezigheid van een bultrug walvis in de buurt van de boot. Marcel zag uit een ooghoek een kolom water de lucht in vliegen en alarmeerde de boel. We hebben dit schitterende dier een tijdje gevolgd en gefilmd. Deze encounter gaf een euforisch gevoel, ongelooflijk gaaf dat in ‘het wild’, mee te maken.

Naast de dolfijnen, die we ook bijna dagelijks wel zagen, kregen we nog iets spectaculairs op film! Boven de enorme rotswanden en kliffen, cirkelden de zeearenden, vaak koppeltjes. We gooiden een klein visje een stuk van de boot en hielden hem in de gaten, uiteindelijk sloeg de zeearend het visje met dodelijke precisie uit het water. Dit gebeurde bij een eiland, of eigenlijk meer een enorm hoge rots in zee. Deze was zo hoog dat er bovenop altijd een tooi van mist hing, in de vorm van een pruik.

Stipo doopte deze stek tot “Geert Wilders Eiland” en we hebben daar veel gevist, ook omdat je er bij harde wind goed in de luwte kon liggen. Ook konden we daar mooie lommen vangen en Marcel ving er de eerste zeewolf. Ik had zo’n wolf nog nooit in het echt gezien, maar kende wel alle verhalen rond zijn enorme bijtkracht en gemene gebit. Aan de oppervlakte hield Marcel de gaf voor zijn bek, hij hapte vast en kon zo aan boord getild worden. Daar liet hij los en viel op het dek, Marcel schoof hem met zijn voet mijn kant op, ik werd gelijk para….!!!

Ik tikte hem weer terug en zo stonden we daar als 2 Jackass idioten elkaar de vis toe te spelen, wetend dat als hij in je laars hapt hij mogelijk ook wat amputeert. Onze Fritz zat voorin de boot kostelijk te lachen. Hoewel er in dit gebied niet zoveel zeewolf zit als in andere gedeeltes van Noorwegen, (begreep ik van de ervaren noorwegenvissers onder ons), wist ik er deze reis toch 2 te vangen. Ik vind het fascinerende vissen, zo lelijk dat ze eigenlijk weer mooi worden.

Zoals gezegd vingen we op die plek ook veel lommen, ook een agressief visje, ik ving er 1 die een hele, net verorberde roodbaars naar buiten spuugde! Ze deden nog het meest denken aan een meun zonder draden, maar dan heel groot. Slijmerig glad en nagenoeg niet vast te houden, ze kronkelen alle kanten op. We vingen de zeewolven en lommen in elkaars buurt, op een rotsbodem.

In het begin van de week probeerden we een stuk water uit waar de meeuwen flink bezig waren met het duiken naar aasvis, diepte tot 120 meter. Hier kwamen de door Biggame Shop, beschikbaar gestelde 150 grams speedjiggs goed van pas. Erik Vleeming van Biggame had me er een aantal meegegeven om uit te testen. Door de natuurgetrouwe manier van “zwemmen” zijn deze pilkers niet alleen attractief, maar ook snel op grote diepte. Marcel ving er zelfs tijdens het afzinken de grootste kabeljauw van de reis op, 1.30 meter en 20 kilogram.

Op deze stek kwamen meerdere grote kabeljauwen binnen en we hebben er een paar uurtjes behoorlijk lol gehad. Jammer dat de kabeljauw van Marcel het niet overleefde, hij bleef na het terugzetten op zijn rug drijven en zijn we ernaar terug gevaren om hem toch mee te nemen voor weging en consumptie. Hij bleek ook goed te functioneren als minibar voor de constant door de boot rollende 1.5 liter fles cola.

Op de 4e dag was het redelijk goed weer en dat betekende de mogelijkheid om goed buitengaats te kunnen vissen op de “Holy Grounds”, de befaamde heilbotstek. Met drie bootjes verspreid op verschillende stukken was de jacht op deze megaplatvis en superrover gaande. In de andere boten werden de hengels uitgezet met 300 gram lood en een levende koolvis van zo’n 40 cm. Wij besloten een andere plaat uit te kammen met de spinhengel en de shad. Nou ben ik zelf nogal weg van Fox shads, eigenlijk voor de snoek en dan het baarsmotief. Deze shad die ik in Nederland veel op de wrakken gebruik, was hier de afgelopen dagen al behoorlijk in trek geweest bij alles met tanden.

We noemden deze shad liefkozend, “de delinquent”, omdat hij zo’n leuk gestreept gevangenispakje aan had. Al driftend vingen we regelmatig vis in de vorm van gul, koolvis of schelvis maar de heilbot had zich nog niet aangediend. Plots kreeg ik een dreun op de spinstok die ik niet eerder had meegemaakt….! Alsof de lijn een bungeejumpkoord was, stond de top helemaal krom tot aan het water en schoot iets heel zwaars pijlsnel opzij, meters lijn van mijn spoel afrukkend. Ik zei tegen Marcel dat ik het idee had dat dit een heilbot moest zijn, de aanbeet was echt uniek. Hij dacht hetzelfde en greep de filmcamera om de dril te filmen. Dit was spektakel en toen hij voor het eerst zijn contouren liet zien op een paar meter diepte, was de sensatie compleet, het was best een flinke!

Tot 5x toe ging hij opnieuw de diepte in, voor deze vissoort moet je echt gevecht leveren, maar uiteindelijk lukte het hem aan boord te hijsen. Euforie compleet, high fives over en weer, totale gekte…….!!!! Wat een schitterende vis was dit, ik stond te stuiteren van de adrenaline, kickuh zeg!!!!

Na de foto’s vaarden we naar de boot van Arthur v Tienen en daar presenteerde Stipo een nog grotere heilbot, door de overwinningskreten naar elkaar toe leek het wel of er een indianenstam op zee zat. Na meting bij terugkomst bleek de mijne 1 meter en 22 pond en die van Stiep, 117cm en 40 pond! Vakantie nu al perfect, kan het nog beter….????? Totaal vingen we zo’n 9 heilbotten deze reis maar deze van vandaag waren de uitschieters. Let wel mensen, dan zijn dit nog kleintjes voor een heilbot, ze kunnen tot dik boven de 2 meter en 150 kg zwaar worden!!!!!

In de dagen erna, dat het weer gewoon te slecht was voor de heilbotvangst, visten we in het fjord diverse mooie bodemstukken af, dieptes variërend van 6 tot 200 meter. Dat gaf wisselende vangsten en soms gewoon niets, je moet blijven experimenteren. In mijn zoektocht naar zoveel mogelijk verschillende vissoorten kwam ik danig aan mijn trekken. Zo ving ik ook een roodbaarsje, een vuurrode vissoort die in diep water leeft, meestal in een groep. Ze staan dan letterlijk boven elkaar in het water, de grootste bovenaan, kleinste onderaan.

Een andere soort die ik in Nederland nooit eerder had gevangen ondanks vele wrakkentrips, is de leng. Hoewel er hele grote moeten zwemmen, kwamen er slechts kleintjes aan de haak. Ongelofelijk eigenlijk als je ziet hoe groot dat kunstaas is in verhouding tot die leng en dat hij dan nog op de haak zit ook!? Ook wel een heel mooie vissoort qua kleur en tekening.

Eenmaal over het midden van de week, werd het weer er niet beter op, met veel wind en regen. Na een hele dag op het water met matige vangsten van vooral gul en schelvis, belanden we in een zijarm van de fjord. Er lagen wel meer bootjes maar nergens was het wild, ook bij ons niet. Arthur en Rob kwamen aanvaren en gaven aan naar het huisje terug te gaan, ze hadden het wel gehad voor vandaag. Terwijl ze ervandoor gingen besloten wij het nog een keer te proberen bij een schooltje meeuwen en papagaios die een paar honderd meter verder op het water zaten, dicht bij elkaar. Bij aankomst sloeg de fishfinder volledig op tilt van de schrijverij, het was afgeladen met vis tot zo’n 100 meter onder ons.

We bleken op een enorme wolk aan zandspiering te zitten, met daaronder grote koolvis en daaronder grote gul. Op dat moment begon de gaafste vissessie van de hele week, met het langzaam opdraaien van een 75 grams haringpilkertje, knalden er zo’n 20 meter onder de boot echt joekels van koolvissen aan!!! Die gaven meer sport dan wat voor rondvis ook, ze rukten 3 a 4 meter lijn in kortstondige runs van je molen en dat bij herhaling. Wat een actie was dat zeg, op een gegeven moment liet ik het pilkertje iets te diep zakken waardoor er kabeljauw aankwam. Toen ik de dikke big aan zijn staart onderste boven hield, klopte ik 2x op zijn dikke buik en spuugde hij een hele berg zandspiering uit, de meeste nog levend overigens. Die namen we maar mee om later in de week wellicht als aas te gebruiken. Na een uurtje was het ineens over en liepen de vangsten terug, verzuurd maar voldaan keerden wij ook terug.

Ook de laatste dag was het pokkenweer en besloten we achterin het fjord te blijven, Arno, Arthur en Stiep hadden daar de dag ervoor hun leukste sessie beleefd met enorme schollen, scharren, heilbotjes en een 4 kg zeewolf. Inderdaad, hoewel wij zoals gebruikelijk met kunstaas visten, was het ook daar vis zat. Ik ving meteen een hele dikke zeedonderpad aan het pilkertje.

Marcel ving daar ook nog een gigant van een zeewolf, die eenmaal in de bak, naar later bleek de kop van een koolvis tot smurrie te hebben gebeten. De zeewolf werd gevangen aan de inmiddels uitgezette aashengel met een reep koolvis. Later kon ik nog een klein tongscharretje als soort noteren en toen was het klaar, inpakken en wegwezen. Al met al een superervaring, mooi en grillig land, adembenemende natuur en ongelofelijk veel vis. Wil je er 40 vangen dan vang je er 40, wil je er 140, dan 140! Faciliteiten waren uitstekend en we hadden een leuke gezellige ploeg, wat niet onbelangrijk is als je zo dicht op elkaar leeft. Noorwegen, een aanrader, al is het maar eens in je leven!!!! Ik wil nog graag wat sponsors bedanken, namelijk, Erik Vleeming van Biggamme Shop bedanken voor de speedjigg pilkers, Van Zetten Hengelsport voor de geleverde accessoires en Mike Gerritsen van Greys voor de kleding!!!!