Costa Rica-Guanacaste

In augustus 2010 was het tijd voor onze, al zeg ik zelf, welverdiende vakantie. Dit jaar besloten we centraal Amerika aan te doen, uiteindelijk kwamen we uit op het 5 sterren all inclusive hotel van RIU Guanacaste te Costa Rica. Toen de Spanjaarden dit land ontdekten, troffen zij indianen aan die gouden kettingen droegen en doopten het meteen Costa Rica (= rijke kust). Helaas voor hen waren die paar kettingen eigenlijk het enige wat er te graaien viel en lieten ze het land met rust.

Het hotel was slechts een jaar open en lag aan een ongerepte kust met meteen bos achter het hotel. De baai is mijlenbreed tot aan Nicaragua toe en ligt gelijk aan de Pacific Ocean. Het strand bestaat uit lavazand en is zwart van kleur, wat niet een zee geeft die helder blauw is. Hier en daar zijn sporadische strandjes met wel wit koraalzand en het water is daar gelijk een stuk meer helder. De stranden worden onderbroken door steile lava rotswanden die in deze periode, de regentijd, volledig begroeid zijn. Voor de steile wanden lagen een soort lava strekkers, alleen met eb bereikbaar.

Van te voren had ik van maatje Sjaak Nuyt de befaamde Shimano reishengel geleend, die nu al een paar reizen mee geweest is. Plan was om wanneer het weer het toeliet, 's ochtends rond 05.00 uur te gaan vissen tot aan een uur of 08.00. Tegen die tijd was mijn vrouw wakker en kon onze dag beginnen, zo zat het vissen haar ook niet in de weg. En inderdaad wanneer de natuur het toeliet, niet alleen de enorme hoosbuien tropische regen en onweer zouden naar bleek vervelende spelbrekers kunnen zijn. Gezien de vele oppervlakte jagers van de Pacific, had ik veel aan allerhande pluggen meegenomen. Verder nog wat kleine loodjes, haken en wartels in alle maten, voorslag 24 kg en wat stalen onderlijn, waarvan een met getakelde dreggen. Ook de Spro BlueArc 5.0 molen, die zich in Noorwegen al bewezen had dit jaar, was weer van de partij. Plan was deze reis ook om een boot af te huren voor vier uurtjes trollen in de ochtenduren, afhuurprijs nader te bepalen. Je kunt in Costa Rica qua biggame soorten geweldige vissen vangen zoals mahi mahi, marlijn, wahoo, tonijn, zeilvis, zwaardvis en de voor Costa Rica karakteristieke roosterfish. Met dit vooruitzicht en de wellicht mogelijkheden vanaf de kant, was het enthousiasme voor dit avontuur zeer groot.

Aan de rechterkant van het "baaitje" aan het strand voor ons hotel, lagen 2 lava rotspartijen in zee. Enkele kilometers naar links van de baai zelfs nog wat grotere, overgaand in het witte zandstrand ernaast. Zo ging ik de 2e dag van ons verblijf dus 04.45 uur, gewapend met hengel en spullen naar de sportsbar van het hotel, die dag en nacht open is. Na een lekkere bak koffie liep ik in het donker naar het strand. Ik had overdag gekeken waar ik moest gaan staan om exact tussen de rotspartijen in te vissen. Begeleid door het gezang van krekels en kikkers kwam ik op de stek en begon te smijten met de grote popper van Storm in het blauw. Daar liep ik tegen de eerste hindernis aan, de branding. Geen peil op te trekken hoe groot elke golf gaat worden, soms nauwelijks, dan ineens een muur van 1.5 meter die heel ver het strand op rolt. Dat betekent allereerst je spullen veilig stellen, ik had alles inclusief fotocamera in een schoudertas, die hing ik aan een overhangende tak aan de bosrand. Je kon in het schemerdonker zien, dat de popper lekker spetterde en zo ook behoorlijk wat kleine vis schrik aanjoeg. Dan sprongen ze er rond omheen met zwermen tegelijk boven het water uit. Nog net in het donker, nog net voor het krieken van de dag, werd mijn kunstaas achter de branding gegrepen door een meteen te voelen sterke vis, met een keiharde aanbeet.

De slip van de molen gierde het uit en hij ging richting linker rotspartijen. Ik kreeg tevens constant brandinggolven tegen me aan wat het er niet makkelijker op maakte. Na een spannende dril kon ik hem, op een brandinggolf mee het strand op trekken. Een prachtige Jackfish oftewel horsmakreel was een feit, kicken zeg! Ik bracht de vis na wat foto's richting bosrand bij de spullen om hem als er iemand langskwam, met daglicht op de foto te kunnen zetten.

Later zou ik hem dan aan de relatief arme Costaricaanse verkoopsters geven, die we eerder op het strand ontmoet hadden, de dag ervoor. De 2e worp leverde weer een aanbeet op, deze zat echter niet vast en werd gelost. De worpen daarna gaven niet veel meer op dan pijnlijke armen en inderdaad verschenen de eerste toeristen en kon het fotootje geschoten worden, nu eerst naar een lekker ontbijt. Toen ik me omdraaide was er een andere verrassing, een gier stond op het punt mijn vis te jatten en moest even gemotiveerd worden om dat beter niet te doen. Ik heb hem uiteraard eerst op de foto gezet en toen weggejaagd.

Mijn vrouw Simone werd net wakker. Zij was meteen enthousiast en feliciteerde me met de eerste vangst. Omdat we een ijsblokjesmachine op de gang hadden konden we vis in een tas ijsblokjes op het balkon zetten. Na het ontbijt bracht ik de vis naar de lokale mensen en die waren zeer dankbaar, hij schijnt heel smakelijk te zijn.

De volgende dag de linkerkant van de baai in het vizier genomen en zodra het licht werd vanuit de sportsbar die kant op gekoerst. Aan de kant barstte het van de kleine visjes en vanuit het bos kon je de brulapen tekeer horen gaan. Wat een ambiance! Langs het strand lopen zoetwater kreekjes de zee in, die bij veel regen meer weg hebben van rivieren. Eenmaal op de stek aangekomen bleek met enige voorzichtigheid in acht nemend, de langste strekker goed bereikbaar, oppassen met stenen die nat zijn want deze zijn erg glad. Op het strand wemelt het werkelijk van de krabben die gaten in het zand graven en supersnel kunnen lopen, werkelijk niet te vangen. Zo ook op de rotsen, tientallen krabben van weer een andere soort kiezen dan het hazenpad voor je.

Eenmaal op de laatste lavastort, die het vlakste en hoogste was, kon de visserij beginnen. Uiteraard met de popper begonnen en na een paar worpen kwam er leven in het water, kleine vis was ergens behoorlijk bang voor, hier was een grote roofvis aan het jagen! Ik heb werkelijk alle soorten pluggen geprobeerd, Sammy's, Subwalks, Xraps, diepduikers, poppers noem maar op, maar geen aanbeet. Ik nam even een peukenpauze en zag in de verte een donkere vlek in het redelijk gladde water. In die vlek leek het net of de wind er alleen daar opstond met kabbelend water en golfjes. Dat moest een school vis zijn en toen gebeurde er echt iets heel spectaculairs.....! Ineens, ik schat op zo'n 350 meter afstand explodeerde het water met grote vissen die door de school heen stootte en over het water heen, sprongen van 4 meter tegelijk. Ik dacht aan wahoos, spaanse makrelen of grote barracuda's, ze renden op hun staart over het water met duizelingwekkende snelheid. Ik hoopte zo dat de school binnen werpafstand gedreven zou worden, maar dat ging me helaas aan de neus voorbij. Op de terugtocht zag ik op mijn stek van eerder bij het hotel een man vissen. Ik ging naar hem toe en maakte kennis, hij stelde zich voor als Rick en kwam van Ohio USA. Hij had werkelijk allerhande vispullen meegenomen naar hier. Vlieghengel, spinhengel, strandhengels ect ect. Hij vertelde wel 6 volgers te hebben gehad van barracuda's (die hier overigens volgens de lokale bevolking helemaal niet zitten) maar ze pakten helemaal niets. Rick bleek een aardige vent en we hebben nog een tijd staan kletsen. We zouden elkaar vaker tegenkomen deze week al bleef hij nog maar een paar dagen.

Zo werd het dus tijd om vandaag te gaan boeken voor de boot, dat was nog wat! Op het strand werd deze me aangeboden voor 350 dollar voor 4 uur, nogal duur nietwaar? Ik hoorde later op de dag van Rick dat ze hem deze hadden aangeboden voor 250. Teruggegaan naar die lui en wat stennis gemaakt, ik kreeg hem meteen ook voor 250 dollar. Voor degene die hier ook nog eens neerstrijkt het volgende: Omdat je in het hotel of omgeving geen geld op kan nemen, moet je onvermijdelijk een dagje naar het dorpje Coco. Als je deze boot daar boekt, kost hij 150 dollar, daar kwam ik later dus achter! Maarja, de jagende grote vissen van vanochtend hadden me zo enthousiast gemaakt dat ik MOEST boeken! Op de vraag hoe laat ik wilde vertrekken gaf ik aan 05.00 uur, omdat het rond dat tijdstip allemaal begint te jagen. Dat bleek niet mogelijk en hij gaf aan dat het op zijn vroegst pas om 07.30 kon, omdat de schipper uit Coco moest komen. Zo stonden mijn vrouw Simone en ik om half 8 klaar en kwam de schipper enigszins te laat, zich excuserend omdat hij gisteren jarig was en het nogal laat was geworden. Zijn naam was Eduardo en sprak nauwelijks Engels, de boot was ook niet veel bijzonders, maar goed, dat is slechts transport. De vis bijt in kunstaas en niet in de boot moet je maar denken.

Eenmaal trollend met Rapala's kwamen we al snel zeeschildpadden tegen, meestal een grote met een jong erop. De schipper gaf met handen en voeten aan dat het ook mogelijk was om walvissen tegen te komen. Toch bleef het al snel een uur lang stil op de pluggen, hetgeen ik niet verwacht had. Eduardo zat non-stop aan de telefoon en gaf aan dat de ander boten ook nog niets hadden.

We passeerden een beroepsvisser op langoesten en de hele boot zat vol pelikanen, afwachtend of er een graantje mee te pikken valt. Volgens Eduardo moesten we naar King Kong Rock, daar wordt altijd wel wat gevangen.

Er eenmaal aangekomen werd meteen duidelijk waarom dit zo genoemd wordt, een enorme rots midden in zee in de vorm van een gorillakop. Er waren hier meerdere boten bezig maar niemand ving wat! De moed zakte me een beetje in de schoenen en zo ook bij de schipper die voorstelde te gaan snorkelen of bodem te gaan vissen. Met nog zo'n anderhalf uur te gaan zonder vis stemde ik hiermee in en hij zat meteen weer aan de telefoon. We koersten al trollend naar een vaartuig een paar mijl verder en daar zaten Costa Ricanen met handlijnen op red snapper te vissen. Hij gooide onze boot er zowat tegenaan en zei dat ik kon beginnen, als aas een stuk sardine. Onderlijntje met lood onderaan en 2 haken erboven. Het aas was van je haken geroofd voor je aan kon slaan, daarnaast stond schipper maar gas naar voor en achteren te geven, die lijn was nauwelijks tegen de bodem houden. Ga in handgebaren maar eens vragen waarom hij niet gewoon de stroom "dood" vaart.... Toch kwam er een harde aanbeet en de stok ging krom.

Dit voelde als iets wat duidelijk geen zin had, de slip gierde het uit. In de boot naast ons klonk enthousiast gejoel. Eenmaal aan de oppervlakte bleek een groupertje zich te hebben vergrepen aan het aangeboden aas. Zijn zwemblaas kwam uit de bek omdat hij kennelijk van te grote diepte te snel naar boven was gekomen. Het zag er vreemd uit, we grapten wat over de mogelijkheid dat hij langs het naaktstrand gezwommen was en iemands "zaakje" te grazen had genomen.

Waar ik het op Jamaica vorig jaar nog leuk vond om een mooie pufferfish gevangen te hebben, werd je er hier gek van. De Pacific is ermee vergeven, er zijn echt talloze soorten. In geval van nood, blazen ze zich op en zetten de stekels uit.

Ze hebben een extreem hard gebit en bijten dan ook vaker je lijn af dan dat ze gehaakt zitten. Als je langs het strand wandelde, zag je ze ook best vaak liggen. Wellicht zijn ze in opgeblazen toestand als een strandbal het strand op geslingerd door de branding. Bovenstaande is de Freckled Porcupinefish (Diodon holocanthus) en wordt maximaal 29 cm.

Een andere variant is de Spotted Porcupinefish (Diodon puercoespinas), deze kan maar liefst 71 cm worden! Toen de tijd op was, viel dit avontuur me dus wat tegen, al had ik er maar een gehad van wat ik tot nu al 's ochtends had zien springen, was de reis op visgebied mooi geslaagd geweest. De volgende ochtend stond ik optimaal gemotiveerd aan het water samen met Guido, een Belg die ik had leren kennen en graag eens meewilde. Van Rick de Amerikaan had ik begrepen dat hij nu alles geprobeerd had, maar hooguit een volger kreeg op kunstaas, vangsten 0 komma 0. Wij dus rond 5en naar de verre stek, een paar kilometer verderop. Eenmaal smijtend met alle varianten kunstaas kon de oranje Sammy een "mis-aanbeet" noteren en de Rapala X-Walk een treffer die maar eventjes vastzat. Dat was overigens nadat ik de plug gewoon ver uit de kant had ingegooid en gewoon liet drijven, geen beweging erin brengen. Ineens ging iets er een paar meter mee vandoor maar bleek niet goed gehaakt. Het was wel een dikke vis dus ik baalde enorm, nouja, dat hoort ook bij het vissen. Teleurstelling werd goedgemaakt door uit het water springende walvissen, die zouden we nog vaker gaan zien deze vakantie.

Volgens een van de Costa Ricanen was deze walvis met een jong van dit jaar en een van vorig jaar. Wat een imposant gezicht is dat als een volwassen wijfje uit het water springt, de plons daarna gigantisch hoog. Omdat de walvissen op sommige dagen dicht onder de kant kwamen lukte het Guido's vrouw Rita om een foto te schieten die raak was. In de dagen erna heel kortstondig of niet gevist i.v.m. het weer of getij, bij hoog water was de stek niet bereikbaar en dat lag nu steeds rond het schemer uur. Ook de branding was soms zo hoog dat er met kunstaas niet te vissen viel. Ook was met durende de eerste week e.e.a. opgevallen. Op droge avonden en nachten, was 's ochtend het water vergeven van de kleine vis, yellowtails, sardines, needlefishjes en permits. Dan zag je bij "gejaag" zoveel kleine vis het water uitspringen dat je dacht "kom ik met mijn kunstaas, als ze 2x om zich heen happen zit hun maag vol met echte vis".

Op regenavonden en nachten, spoelde er zoveel modder van die bergen dat de hele kustlijn modderig was, dan zag je ook maar weinig vis. Er moest dus een ander plan getrokken worden om hier nog wat flinks te haken en bedacht me dat ik mijn getakelde stalen onderlijn nog bij me had, maar nu nog een dobber....... We gingen die dag pinnen in het dorpje Coco en daar zat een hengelsportzaak. Ik kocht een haringlijntje, 2 wakertjes en een Daiwa plug op aanraden van de verkoper.

De dag erop was het mooi weer en besloten Simone en ik een expeditie naar het witte strand aan het eind van de baai te wagen. We moesten daarvoor wachten tot het water laag genoeg was omdat het anders niet bereikbaar is. Na een zeer uitgebreid ontbijt slenterden we de baai uit en begonnen de klimtocht over de rotsen langs de rotswand. Daar wachtte de beloning in de vorm van een ongerept wit strand van koraalzand, bezaaid met stukken koraal en schelpen, door het weer geteisterd wrakhout en lichtblauw water. Simone installeerde zich voor de zon en ik zette het haringlijntje aan de meegebrachte hengel. Ik klom op de rots gelijk naast het strandje maar konden visjes niet vangen op het "kale" lijntje. Dat werd wel even anders toen ik stukjes garnaal op de haken deed, dan had je elke worp enkele visjes. Ik stopte enkele visjes in de meegebrachte prullenmand van de hotelkamer en zette deze in de schaduw.

Ik knoopte de onderlijn constructie aan mijn stalen onderlijn. Mocht het nodig zijn ineens snel over te schakelen naar kunstaas, omdat je verder weg vis ziet springen, kon de boel makkelijk losgeklikt worden. De onderlijn bestond uit een tonwartel met daaraan een 40 cm van 24 kg nylon waar een drijfkraal omheen schuift, daarachter de stalen takel met klein haakje vooraan en daarachter 2 dreggen. Het kleine haakje vooraan de takel gaat door de lip van de aasvis, eerste dreg net onder de rugvin en de tweede net voor de staart. Als laatste wordt het wakertje vastgeklikt aan de tonwartel aan het begin van de lijn. Je kunt hier niet heel ver mee werpen, truc is om rustig in te gooien, je lijn los in de hand te houden en meegeven op het moment dat een golf terugloopt naar zee. Staat er geen stroming wordt het lastiger hem van de kant te houden omdat die aasvis steeds naar de kant wil, hij weet wat er wat verder uit de kant zwemt, hehe! Als het visje dood gaat kom je er ook snel genoeg achter omdat je dan meteen flauwe aanbeetjes ziet. Dat betekent dat er een pufferfish ter plaatse is om je visje meteen af te kluiven. Als je langzaam indraait zie je ze er achteraan zwemmen en ziet je aasvis eruit als op onderstaande foto.

Eenmaal vissend miste ik een aanbeet, wakertje schoot onder en kwam weer boven, toen ik inhaalde was het visje eraf. Ook zag ik de kleine vis onder de kant er behoorlijk de schrik inkrijgen, shit, er zwom dus nu een dikke roofvis rond. Simone kwam aangesneld met een verse aasvis uit de emmer en die zat snel getakeld, ik ging tot mijn middel het water in en wierp zachtjes uit. Enkele minuten later plopte de dobber weer onder en mijn hart zat in mijn keel. Dit keer sloeg ik hard aan en ging hij er een paar meter vandoor alvorens uit het water te springen. Ik zag dat het een soort flinke geep was en eenmaal geland bleek hij een vervaarlijk licht blauwgroen gebit te hebben. Joehoe, plan geslaagd en naast een hele leuke dril een mooie vis, hij bleek nagemeten 80 cm en door de bevolking "Aguja" genoemd te worden. De exacte benaming is Crocodile Needlefish (Tylosurus crocodilus) en kan wel 1.80 meter groot worden. Ik was hier dus helemaal blij mee! Er ging me een lichtje branden, de ochtend dat ik die grote vissen uit het water zag springen met sprongen van 4 a 5 meter, zou dat best wel eens deze soort geweest kunnen zijn. Ook de volgers waar Rick van zei dat het barracuda's waren, zouden wellicht ook deze rovers kunnen zijn. Onderwater zien ze eruit als barracuda en lokale inwoners zeiden al dat die hier niet zaten. Simone vond het ook een te gekke vis en bleef maar schieten met de camera.

Enkele dagen later wilde ik wederom gaan maar bleek het weer enorm te hebben geregend die nacht en besloot ik vanaf het hotelstrand tussen de lavastortjes te proberen met een levende aasvis maar die bleken niet te vangen in het donkere water. Dan maar met de eerder succesvolle blauwe popper aan de slag. Even later gooide ik een pruik in de lijn, de popper brak af en vloog de zee op. Ik stond te twijfelen wat te doen maar besloot hem toch te gaan halen, er naartoe gezwommen opgepikt en weer terug. Het was nog een beetje schemerig en het zonlicht kwam net door toen ik een golf zag terugrollen van de linkerstort verderop en een haaienvin zichtbaar werd, oeps.....!!! Geen slimme actie om dat in de tropen te doen maar het was het enige vangende kunstaas zo was tot dusver gebleken, " no nuts, no glory". Na een paar dagen slecht weer met meer regen dan ik ooit gezien heb, klaarde het weer een beetje op. Met nog 3 dagen te gaan, in het donker vertrokken naar de stek waar ik eerder de aguja had gevangen. Ik had de hoop om bij het eerste licht de jagende gekte mee te maken.

Vergezeld door een vleermuis zo groot dat ik twijfelde of het Batman zelf niet was, hoorde ik ook iets door de struiken in de bosrand meelopen. Voor de zekerheid ging ik maar langs de waterlijn verder. Eenmaal de struiken uitstuivend, bleek het de kleine zwerfhond die al de hele vakantie mijn buddy was. In de middag op het strand nam ik altijd eten voor hem mee terug, echt een lief beest. Terwijl ik aasvis stond te vangen, ging hij er lekker bij liggen. De zon begon door te breken en gaf een schitterend plaatje.

Eenmaal bij de stek bleek een ander probleem aan de orde, het water was nog iets te hoog en er stonden geregeld dikke brandinggolven. Ik besloot eerst een stukje te waden langs de rotswand en de spullen hoog en droog weg te zetten. Aldaar een vis aan de takel en tot mijn middel wadend naar de rots. Hieronder zie je een foto van de stek bij laagwater, je moet je voorstellen dat die rots nog net onderwater stond.

Eenmaal erop geklommen stond je goed, eventuele over rollende golven kwamen tot aan je kuiten maar je stond aardig vlak en stevig. Na de inworp liet ik alles zachtjes op het tij weglopen, de ebstroom zat er aardig in. Plots schrok ik op van een silhouet, links in het heldere water. Zwemt er gewoon een bullshark van zo'n 1.25 meter voor mijn voeten langs...!!!!??? Ik meteen ingehaald en het visje zijn kant opgeworpen. Helaas greep hij deze niet, was dat mooi geweest...!!!??? Ik besloot een verse aasvis te gaan pakken en dat bleek meteen mijn laatste, de anderen waren waarschijnlijk de emmer uitgesprongen. Alles weer in gereedheid gebracht en eigenlijk gebeurde er niet al teveel, even daarvoor had ik een jagend visje vlakbij zien springen van zo'n 40 cm. Eigenlijk besloot ik al dat als dit visje eraf mocht zijn, terug te gaan naar het hotel. Op dat moment begint de waker opzij te lopen en weer terug, een beetje zenuwachtig. De aasvis was duidelijk ergens van onder de indruk. Plots werd de waker door het wateroppervlak opgeslokt en besloot 3 tellen te wachten alvorens aan te slaan. Wat er op dat moment gebeurde is met geen pen te beschrijven. Eerst ontplofte het wateroppervlak en uit de plons schoot een grote aguja het luchtruim in als een kruisraket uit een onderzeeër. Ik schat dat hij zeker op 2 meter hoog boven het water horizontaal in de lucht hing. Hij schoot werkelijk alle kanten op met enorme sprongen, het had meer weg van rodeo dan met vissen!

"Als het spinhengeltje dit allemaal maar houdt" dacht ik nog, tot 6x toe had ik hem voor mijn voeten en ging hij er weer vandoor, het hele spektakel opnieuw. Ik kreeg er heilbot déjà vu van, ware het dat het nu aan de oppervlakte plaatsvond. De zevende keer kreeg ik hem op de rots waar ik hem meteen in een kieuwplaat greep, volgens mij heb ik nog nooit een vis steviger vastgehouden dan deze. Meteen terugwadend naar de kant en de oververmoeide vis op het droge veilig gesteld, had ik me daar even een euforisch gevoel! Spullen gepakt en aan de terugtocht begonnen op zoek naar iemand die een foto kon maken. De eerste wandelaars kwamen aan en begonnen spontaan zelf foto's te maken. Wat was dit helemaal kicken zeg, een van de beste drills die ik ooit heb meegemaakt! Nagemeten bleek de Aguja maar liefst 1.30 meter lang.

Helemaal humor toen ik bij ons strand voor het hotel aankwam, een groep Spaanse toeristen begon applaus te geven. Mensen en kinderen kwamen vanuit hun ligbed met camera's aangesneld, zo ook mijn Vlaamse vrienden en ik ontving de ene felicitatie na de andere. Iedereen wilde weten wat er met de vis zou gebeuren en ik riep maar:" Tonight good eating in the restaurant, everyone 's invited"! Toen ik hem aan de chef ging geven in het restaurant bedankte hij me hartelijk maar hield de vis lekker zelf wat een drukte van jewelste aan onze tafel gaf omdat ze allemaal wilden weten waar die vis lag, hehehe. De foto hieronder vind ik echt een van de mooiste visfoto's die ik heb, wat een kleuren en imposant gebit!

Op de een na laatste dag was het bewolkt en 's middags gingen Guido en ik, terwijl de dames lekker keuvelden, nog even op de drooggevallen rotsen aan het strand en werpen met de Sammyplug. Dit leverde een toevalstreffer op met een valsgehaakte Guineafowl Puffer (Botete negro, Botete de oro). Dat was op zich opmerkelijk omdat ik niet gedacht had die nog te vangen. Omdat deze in het water, felblauwe vissen, er ook in het felgeel rondzwemmen en eigenlijk altijd wel met eb, had ik ze al eens geprobeerd te vangen met een handlijntje. Maar zowel voor brood, vis, garnaal of de aan de rotsen groeiende slakjes hadden ze geen enkele interesse. Naar het schijnt zijn ze een bepaalde fase in hun leven dus felgeel van kleur.

Dat was meteen ook het laatste visje van de vakantie en ik kijk terug op een machtig avontuur met onwaarschijnlijk mooie natuur indrukken. Helaas had ik meer verwacht van de boottocht maar maakte de aguja's eigenlijk alles goed! Hopelijk bevat dit verslag nuttige tips voor wie er nog eens neerstrijkt, het is absoluut de moeite waard het avontuur aan te gaan in Costa Rica!

Pura vida.....!!!
grtz Leon